Home

Dorpsgenoten

Tussen 2005 en 2013 is er door diverse auteurs een rubriek geschreven voor dorpsblad Biddinghuizen Actueel: "Dorpsgenoten". Deze verschenen bovendien op de website van Dorpsbelangen Biddinghuizen en (met alleen intro) als nieuwsbericht op de nieuwswebsite BHZNet.nl.
Op deze website dorpsgenoten.biddinghuizen.org vindt u het archief van deze rubriek terug.
Heeft u vragen over de inhoud van de artikelen, neem dan contact op met Dorpsbelangen Biddinghuizen of met de redactie van nieuwswebsite BHZNet.nl.
Aan de inhoud van de artikelen kunnen geen rechten worden ontleend.




Ieder mens heeft zijn of haar eigen levensverhaal, soms indrukwekkend, soms verrassend, soms heel gewoon, maar toch altijd weer bijzonder. In de rubriek DORPSGENOTEN….wordt wekelijks een kijkje genomen in het leven van een Biddinghuizenaar.

Door Herma Loohuis

Geeske Boer - Van Straten - Van Nederlandse naar Amerikaans en weer terug

28-4-2012


Ze is getrouwd met een militair en dat is een van de redenen waarom ze achttien keer is verhuisden vanaf haar kinderjaren. Ook trok ze met haar man na zijn pensioen anderhalf jaar door Europa met een camper. Geeske is In Winsum (Gr.) geboren en in 1949 met ‘de Volendam’ naar Amerika geëmigreerd: naar de staat Michigan.

In Michigan woonde al een broer van mijn moeder. Die ving ons op en zorgde voor een baan voor mijn vader. Ik was vier jaar, mijn zus was elf jaar. In 1949 konden we al tv kijken bij een buurvrouw. En dat in die tijd. In Nederland was dat nog niet mogelijk. We gingen met die grote gele bussen naar school. Discipline was er wel: degene, die het eerst kwam, ging ook als eerste de bus in. Dat was vanzelfsprekend. We zaten hele dagen op school, van acht tot drie uur, en dan weer met de bus naar huis. We bleven allen over tussen de middag. Ik volgde eerst een jaar kleuterschool, daarna ging ik naar de eerste klas lagere school. Mijn vader kreeg ander werk. Ons huis was een houten cowboy huis. Het hele huis, dat mijn vader gekocht had, werd op een wagen gezet en gebracht naar de nieuwe plek. Er moest nog veel aan gebeuren, zoals het bouwen van een kelder. Het voelde als een warm bad, waar we terecht kwamen. We woonden in de stad lewonia . Iedereen hielp iedereen. Het was een heel groot dorp. Alles is er toch echt veel groter. Het was heel indrukwekkend voor me, ook al als klein kind. Maar aan de andere kant gaf het me ook heel erg gevangen gevoel. Ik moest overal naar toe gebracht worden. Iedereen was bang voor ontvoeringen. Ik had nooit de vrijheid om van de ene straat naar de andere te lopen. Ik werd altijd gebracht, zo ook al de andere kinderen, ook al was het dichtbij en goed te fietsen. Ik was twaalf, toen we terug gingen naar Nederland. Er waren een paar redenen. Ik werd heel ziek aan mijn hart en moest drie maanden op mijn bed liggen, mocht niet eens naar de wc lopen. Na een half jaar ging ik pas weer naar school. Ik kreeg wel veel bezoek van iedereen. Ook mijn moeder is heel ziek geweest. Mijn opa was verongelukt onder een vrachtwagen, meerder familieleden overleden in Nederland. Dan zorgde ervoor dat mijn moeder veel heimwee kreeg.

Mijn vader wilde liever niet terug, hij had het erg naar zijn zin, maar ging voor mijn moeder terug. In 1956 kwamen we terug. Ik herinnerde me heel weinig van de eerste vier jaar in Nederland. We hadden alles in Amerika, tv, wasmachine, etc. In Nederland moesten we opnieuw beginnen. Hier waren ze nog lang niet zover. Mijn oom uit Winsum haalde ons op uit Rotterdam. Het was zo warm welkom en het voelde als een thuiskomst. Ik had nu ook oma ‘s en tantes en ooms. We kwamen in een heel klein huisje. Mijn oma was helemaal in het zwart gekleed. In Amerika liepen vrouwen van zestig in rode korte broeken en t shirts. De grote weg om het dorp heen waren voor de bewoners gevaarlijk grote wegen. Voor mij was het nog steeds een weggetje, waar ik zo op kon lopen. In Amerika was ik gigantisch grote wegen gewend. De wc, ook zoiets. Ik moest naar de wc en werd naar een schuurtje gebracht met hartje in de deur. Daar moest ik op de ton. Er hing een tijdschrift, ‘de Elisabeth Bode’, waar je je bips mee moest afwegen. Ik was al lang closetpapier gewend. Het contrast was zo groot, maar ik vond het prachtig: een groot avontuur. Voor mij leek het of ik in de Middeleeuwen terecht was gekomen. Zelfs in een bedstede slapen vond ik schitterend. Als ik denk aan het huisje van mijn oma ruik ik nog steeds de geur van rundvlees, dat werd gestoofd. Die geur vergeet ik niet, net als de geur van kippen, die werden gestoofd met kruiden. De school werd een probleem; ik had de heel lagere school periode gemist en geen basis van de Nederlands taal geleerd, dus stopten ze me in de eerste klas. Ik heb geen middelbare school diploma., maar het heeft me niet belet toch een goede baan bij V& D te krijgen.

Biddinghuizen voor Geeske:
Echt een dorp. Ik vind het dorpsgevoel weer terug. Het groeten. Met een praatje sta je soms zomaar een half uur te praten die je helemaal niet kent. Je bent zo bij het Veluwe meer, we wonen zo centraal.
Eerder verschenen in Dorpsgenoten:

© 2019 Dorpsbelangen Biddinghuizen - Realisatie: Sybit | Software op Maat

Realisatie: Sybit - Software op Maat